Archief September 2010

Mountainbikers bewijzen jongeren: diabetes, so what?!

25 September 2010

mountainbikeOp 26 september stappen Jitske Burgers en Rémon Monis op hun mountainbike om geld in te zamelen voor jongeren met diabetes. In een week tijd fietsen ze 500 kilometer van het pelgrimspad naar Santiago de Compostella in een sponsortocht. Met de opbrengst organiseren ze in 2011 een reis voor jongeren met diabetes.

Jitske (1974) en Rémon (1975) hebben zelf al jaren diabetes en laten zich in hun leven hierdoor niet belemmeren. Maar dat is niet altijd even makkelijk geweest. Vooral jongeren hebben vaak moeite met het leren accepteren en omgaan met een gecompliceerde ziekte als diabetes. De twee maken zich nu, samen met twaalf andere fietsfanaten namens de Stichting Auch-Compostelle, hard voor het financieel mogelijk maken van een reis voor deze jongeren. Een grensverleggende week waarin jongeren die moeilijk instelbaar zijn, of die hun ziekte slecht accepteren, ontdekken dat je wél alles kunt met diabetes. In een fysiek veilige omgeving met medische begeleiding en in een sociaal veilige omgeving met leeftijdsgenoten die ook diabetes hebben.

Passie voor verschil
Dat zo’n grensverleggende week verschil kan brengen in de overtuiging van jongeren, dat weten ze uit eigen ervaring. Maar ook door de activiteiten en weken die zij in vroeger voor de Diabetesvereniging Nederland organiseerden. Tijdens die activiteiten zagen ze wat zo’n week teweeg bracht bij de jongeren. Ze hebben dan wel diabetes, maar wanneer ze weten hoe daarmee om te gaan, kunnen ze ook gewoon grensverleggende activiteiten doen. Jongeren beseften: ‘diabetes, so what?!’ De kick die Jitske en Rémon daardoor kregen, willen ze graag nog een keer meemaken en daarom besloten ze hun passie voor fietsen hiervoor in te zetten.

1.500 kilometer
In 2009 is een deel van de sponsortocht al afgelegd, de eerste 500 kilometer. Van 26 september tot en met 1 oktober 2010 legt de groep het tweede deel van de tocht af, waarin ze mountainbiken over de wandelpaden van het pelgrimspad. In 2011 fietst de groep de laatste kilometers waarmee ze de tocht van 1.500 kilometer afmaken. Tot nu toe leverden de sponsortocht in 2009 en andere inspanningen een totaalbedrag op van €11.000,-. Maar er is meer nodig om de week voor de jongeren met diabetes mogelijk te maken en de twee merken dat dit niet eenvoudig is in tijden van crisis. Reden temeer om de komende week flink door te trappen in de sponsortocht.

Risico op kanker hoog bij start van insuline

25 September 2010

diabetes insulineEen Deense studie toont aan dat het verhoogde risico op kanker bij patiënten met diabetes die insuline gebruiken vooral aanwezig is in de eerste vijf jaren na de diagnose, maar daarna weer langzaam afneemt.

De onderzoekers van het Steno Diabetes Center hebben de gegevens van de diabetesregistratie gekoppeld aan de kankerregistratie en konden op die manier het voorkomen van kanker vergelijken in de diabetespopulatie en de non-diabetespopulatie.

Gedurende de afgelopen 13 jaar kwamen er 350.000 gevallen van kanker voor waarvan 18.000 bij diabetes. “De studie bevestigt de associatie tussen diabetes en kanker”, aldus Daniel Witte, manager van de epidemiologische onderzoeksgroep van Steno. “In tegenstelling tot wat we aanvankelijk dachten, neemt het risico op kanker echter niet toe met de lengte van het insulinegebruik. De verhoogde incidentie is vooral evident bij insulinegebruik gedurende de eerste vijf jaar na de diagnose, maar neemt daarna weer af.”

Witte is zich bewust van de beperkingen van deze studie. “Door het linken van registratesystemen kunnen we het effect van andere mogelijke risicofactoren, zoals obesitas of ongezonde leefstijl, niet meten. Ook kunnen we het causale verband tussen insuline en kanker op deze manier niet aantonen of uitsluiten. We hebben slechts een duidelijke associatie laten zien.”
[Mednet]

Reactie GSK op schorsing handelsvergunning diabetesmedicijn Avandia

24 September 2010

avandiaDonderdag is GlaxoSmithKline (GSK) geïnformeerd over het besluit van de Europese registratie autoriteit EMA over Avandia. EMA heeft laten weten dat zij de evaluatie van het werkzaamheid-veiligheidprofiel van rosiglitazon bevattende producten (Avandia, Avandamet en Avaglim) heeft afgerond. In die evaluatie lag de nadruk op de veiligheid wat betreft hart- en vaatziekten.

Volgens het wetenschappelijke orgaan van EMA, de CHMP, wegen de voordelen niet langer op tegen de nadelen. Daarop is besloten de handelsvergunning voor de Europese landen te schorsen. Binnen een paar maanden zijn deze producten daarom niet meer beschikbaar binnen Europa.

GSK blijft achter het gebruik van Avandia staan, maar accepteert dat de Europese registratie autoriteit heeft beslist om de handelsvergunning van Avandia te schorsen op basis van hun analyse van de huidige data.

GSK is ervan overtuigd dat op basis van het totaal aan gegevens – in het bijzonder de meest strikt opgezette wetenschappelijke studies – is aangetoond dat Avandia een veilig en werkzaam geneesmiddel is voor de behandeling van diabetes wanneer het wordt toegepast bij de juiste patiënten.

GSK is van mening dat een set van 6 lange- termijn, gecontroleerde cardiovasculaire klinische onderzoeken aantonen dat Avandia het overall risico op hartaanval, beroerte of overlijden niet verhoogt in vergelijking met andere veel gebruikte diabetes geneesmiddelen.

GSK begint binnen Europa direct met de uitvoering van het EMA besluit en werkt met hen samen in het belang van patiënten.

Wat betekent dit voor patiënten die Avandia, Avandamet of Avaglim gebruiken voor de behandeling van hun diabetes?
Uw geneesmiddel is binnen een paar maanden niet meer beschikbaar. Patiënten met diabetes dienen in samenspraak met hun arts op zoek te gaan naar een alternatief. Het is heel belangrijk dat u niet uit eigen beweging stopt met uw geneesmiddel, maar een afspraak maakt met uw arts om op een geschikt ander geneesmiddel over te gaan.
[GlaxoSmithKline]

Diabetesmedicijn Avandia van de markt gehaald

24 September 2010

avandiaHet medicijn Avandia mag niet langer worden voorgeschreven aan diabetespatiënten. De EMEA, het Europees Bureau voor de Geneesmiddelenbeoordeling, heeft bepaald dat het geneesmiddel van de Europese markt wordt gehaald.  Avandia ligt al langer onder vuur, omdat het de kans op hart- en vaatklachten kan vergroten.

Patiënten die het medicijn op dit moment slikken, krijgen nog even de tijd om – in overleg met hun arts – over te stappen op een ander geneesmiddel.

Het medicijn Avandia is de merknaam voor de stof rosiglitazon. Het kwam 10 jaar geleden op de markt als een nieuw middel om het bloedsuiker bij patiënten met diabetes type 2 te verlagen.

Al snel werd duidelijk dat een van de bijwerkingen van Avandia is dat het hartklachten kan veroorzaken. Een recente studie toonde aan dat Avandia de kans op een hartinfarct met 20 tot 40% verhoogd.

De EMEA heeft nu bepaald dat de nadelen van het geneesmiddel niet langer opwegen tegen de voordelen en heeft daarom besloten dat het van de markt moet worden gehaald.

In de VS blijft Avandia nog wel verkrijgbaar. De Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) is niet gemachtigd om geneesmiddelen te verbieden. Wel heeft de FDA strenge voorwaarden gesteld aan het gebruik ervan.

Het Diabetes Fonds adviseert patiënten die Avandia slikken niet zomaar te stoppen met het medicijn, maar met hun arts te overleggen welk ander medicijn ze kunnen gebruiken. Plotseling stoppen met het middel kan slechter zijn dan de mogelijke bijwerkingen.

Bloedglucose meten met je iPhone

23 September 2010

iBGStar Blood Glucose MeterMiljoenen mensen wereldwijd hebben diabetes. Genoeg kansen dus, om van een bloedglucosemeter op de iPhone een succes te maken. Het farmaceutische bedrijf Sanofi Aventis heeft de iBGStar Blood Glucose Meter ontwikkeld, een accessoire dat je op de dockconnector van de iPhone aansluit. Het accessoire meet de waarde aan de hand van een bloedmonster en slaat alle gegevens op. Je kunt achteraf analyses uitvoeren of de gegevens naar je arts sturen.

Het werkt als volgt: je gebruikt een teststrip om glucosewaarden te meten. De strip steek je rechtsonder in het apparaatje, waarna de resultaten op de iPhone en op het display van de iBGStar verschijnen. Het bedrijf gebruikt hiervoor een applicatie, die je nu al (gratis) kunt downloaden uit de Amerikaanse App Store: WaveSense Diabetes Manager van ontwikkelaar AgaMatrix. In deze app kun je je glucosewaarden, ingenomen koolhydraten en insulinedoses bijhouden. Je ziet de resultaten vervolgens in een grafiek. De app bevat ook video’s over gezonder eten, veranderen van je levensstijl en ervaringen van anderen met diabetes. Ook bij deze app kun je de resultaten opsturen naar de arts om er beter naar te laten kijken.
[iPhone club]

Screening zwangerschapsdiabetes simpeler

23 September 2010

zwangere vrouwScreening op zwangerschapsdiabetes is tijdrovend en duur. Canadese onderzoekers stellen een nieuwe methode voor, waarbij de buikomtrek en de triglycerideconcentratie worden gemeten.

Diane Brisson c.s. ontdekten een significant verband tussen het gelijktijdig voorkomen van abdominale obesitas en hypertriglyceridemie in het eerste trimester van de zwangerschap en de kans op glucose-intolerantie later in de zwangerschap. Hun bevindingen verschenen op 20 september in Canadian Medical Association Journal.

In een prospectief cohortonderzoek werden 144 vrouwen met een eenlingzwangerschap gevolgd. De vrouwen waren jonger dan veertig jaar en hadden geen voorgeschiedenis met DM 1 of 2. Na 11 tot 14 weken zwangerschap werd de buikomtrek gemeten; op dit tijdstip werden ook de glucose- en triglycerideconcentratie in het bloedplasma bepaald. Een orale glucosetolerantietest (OGTT) vond plaats na 24 tot 28 weken zwangerschap.

Lees verder op Medisch Contact

Voorlichtingsavond diabetes en diëten

21 September 2010

overgewichtEr zijn veel manieren om af te vallen, maar ze zijn lang niet allemaal gezond. Daarbij geldt: het ‘wonderdieet’ bestaat niet. Belangrijk is dat een vermageringsdieet niet alleen gewichtsverlies oplevert, maar ook nog voldoende voedingsstoffen levert. Daarom organiseren de Isala klinieken op dinsdag 12 oktober een voorlichtingsavond voor diabetespatiënten over verschillende soorten diëten om af te vallen.

De bijeenkomst vindt plaats op locatie Sophia in de Kerkzaal van 19.00 tot 20.00 uur. Geïnteresseerden kunnen zich aanmelden tot maandag 4 oktober via diabetesverpleegkundigen@isala.nl of via tel. (038) 424 23 29 (diabetespolikliniek).

Er worden enkele vermageringsdiëten besproken waaronder het dr. Frank dieet. De volgende vragen komen onder andere aan bod: Wat houden deze diëten in? Zijn ze effectief? Zijn ze verantwoord en is het verstandig deze diëten te volgen als je diabetes hebt? Kijk voor meer informatie op www.isala.nl bij Isala voor patiënten.

Toevoeging Januvia toont vergelijkbare verlaging bloedsuikerspiegel

20 September 2010

JanuviaMSD’s ‘Januvia’® (sitagliptine) toont vergelijkbare vermindering van bloedsuiker ten opzichte van sulfonylureum, glimepiride
Patiënten met type 2-diabetes die ‘Januvia’ hadden genomen, toonden minder hypoglykemie en geen gewichtstoename, volgens de recente gegevens die werden gepresenteerd op de jaarlijkse vergadering van de European Association for the Study of Diabetes (EASD).

De resultaten van een 30-wekenlange studie tonen dat als sitagliptine, een DPP 4-remmer, toegevoegd wordt aan een voortdurende behandeling met metformine, gelijkwaardige bloedsuikerverminderingen lieten zien als bij de toevoeging van glimepiride, een sulfonylureum dat gewoonlijk bij patiënten met type 2-diabetes gebruikt wordt. Deze studie die op een poster werd voorgedragen op de jaarlijkse bijeenkomst van de European Association for the Study of Diabetes (EASD), demonstreerde ook dat de gecombineerde behandeling met sitagliptine en metformine, ten opzichte van glimepiride en metformine, duidelijk minder glykemische voorvallen liet zien, zonder dat er een gewichtstoename plaats vond.

“De vermindering van het risico van hypoglykemie en gewichtstoename zijn belangrijke zaken om in overweging te nemen, als doktoren de keuze hebben uit geneesmiddelen voor patiënten met type 2-diabetes. Daarom is het belangrijk om over gegevens van verschillende behandelingswijzen te beschikken,” verklaarde Barry J. Goldstein, M.D., Ph.D., vice president van Clinical Research, Merck Research Laboratories. “In deze studie onder patiënten die met metformine zijn behandeld, werd getoond dat de toevoeging van sitagliptine tot lagere bloedsuikerniveau’s leidde, gelijkend op de behandeling met aanvullend sulfonylureum. Ook werd dit geassocieerd met minder hypoglykemie en was er geen sprake van gewichtstoename, in vergelijking met een sulfonylureum.”

De studie was gericht op het evalueren van de veiligheid en doeltreffendheid van de toevoeging van sitagliptine aan een voortdurende behandeling met metformine bij patiënten met type 2-diabetes, ten opzichte van de toevoeging van glimepiride. Bij een groep met een gemiddelde A1C-basislijn van 7,5 procent werden gelijkwaardige bloedsuikerverminderingen gezien met sitagliptine en glimepiride (gemiddeld verschil van basislijn -0,47 procent en -0,54 procent respectievelijk, gemiddeld verschil – niet belangrijk). Tweeëntwintig procent van de patiënten die een glimepiride-behandeling ondergingen, toonden hypoglykemie, vergeleken met 7 procent van de patiënten die met sitagliptine werden behandeld.

Hypoglykemie, of laag bloedsuikergehalte, komt voor als het glucoseniveau in het bloed te laag is voor wat het lichaam nodig heeft. Hypoglykemie kan voorkomen bij patiënten met type 2-diabetes, soms in verband met andere medicijnen. De symptomen van hypoglykemie kunnen variëren van licht tot ernstig, zoals hoofdpijn, vermoeidheid, slapte, duizeligheid, verwarring, geїrriteerdheid, etenslust, snelle hartslag, transpireren en onrustig gevoel.

Als DPP 4-remmer werkt sitagliptine naargelang het glucoseniveau (d.w.z. bij een hoog bloedsuikerniveau) ter stimulering van de bèta-cellen in de alvleesklier, voor de vrijgave van insuline en ter vermindering van de overproductie van glucose door de lever. Sulfonylurea zoals glimepiride zijn actief, onafhankelijk van het glucoseniveau (d.w.z. zonder de bloedsuikerniveau’s in overweging te nemen) en stimuleren de alvleesklier om meer insuline af te scheiden. Dit mechanisme wordt in verband gebracht met een verhoogd risico van hypglykemie.

Sitagliptine is een uiterst selectieve DPP 4-remmer en moet slechts één keer per dag worden ingenomen. Het ondersteunt een natuurlijk lichaamssysteem, het incretinesysteem, bij de regulering van bloedsuiker door de hoeveelheden actieve GLP 1- en GIP-hormonen te verhogen. De inname van sitagliptine 100 mg één maal dagelijks remt DPP-4 gedurende de volledige dosis periode van 24 uur. Het is het eerste goedgekeurde geneesmiddel in de klasse van DPP 4-remmers voor orale behandelingen. Tot op vandaag is sitagliptine in de Verenigde Staten alleen meer dan 24 miljoen keer voorgeschreven, en dit cijfer ligt nog veel hoger wereldwijd.

Studie-ontwerp
Deze gerandomiseerde, dubbelblinde studie werd uitgevoerd bij patiënten met type 2-diabetes, die niet voldoende glykemieresultaten toonden (A1C van 6,5 tot 9,0 procent). Zij ontvingen een stabiele dosis van metformine (≥1500 mg/dagelijks) gedurende een periode van meer dan 12 weken. Na een 2-weken durende ingangsperiode met een placebo, kregen 1.035 patiënten op gerandomiseerde wijze hetzij een toevoeging van sitagliptine 100 mg één maal dagelijks (n=516), hetzij een toevoeging van glimepiride 1 mg/dagelijks (naar boven getitreerd tot een potentiële dosis van 6 mg/dagelijks, gebaseerd op vooraf gespecificeerde criteria) (n=519), aan de voortdurende behandeling met metformine gedurende 30 weken. In de primaire analyse werd geëvalueerd of sitagliptine niet inferieur was aan glimepiride door de vermindering van A1C ten opzichte van de basislijn in week 30 in de per protocol studiegroep.

De gemiddelde dosis van glimepiride na 18 weken was 2,1 mg/dagelijks. Na 30 weken liet de toevoeging van sitagliptine (n=443) gelijkwaardige A1C-verminderingen zien vanaf een gemiddelde A1C-basislijn van 7,5 procent, ten opzichte van de toevoeging van glimepiride (n=436) (gemiddeld basislijnverschil van -0,47 procent met sitagliptine, -0,54 procent met glimepiride; het verschil tussen de groepen was 0,07 procent [95% CI: -0,03, 0,16]).

Een groter aantal patiënten dat met glimepiride in plaats van sitagliptine werd behandeld, bereikte een A1C-waarde van minder dan 7,0 percent in week 30 (59,6 procent en 52,4 procent respectievelijk [oneven hoeveelheden van 0,65; 95% CI: 0,47, 0,90]).

Er bestond geen significant verschil in de gemiddelde basislijnverschillen bij de nuchtere plasmaglucose voor sitagliptine en glimepiride (-0,8 mmol/L en -0,9 mmol/L, respectievelijk).

Glimepiride werd geassocieerd met een significant hoger aantal hypoglykemie-episodes in vergelijking met de sitagliptine-behandeling.

Hypoglykemie kwam bij een significant hoger aantal patiënten voor die met glimepiride (22,0 procent) werden behandeld, in vergelijking met de patiënten die sitagliptine namen(7,0 procent) (p0,001). Tijdens de 30 weken durende behandeling werden er 460 episodes van hypoglykemie gerapporteerd onder 114 patiënten die met glimepiride werden behandeld, vergeleken met 73 episodes bij 36 patiënten die sitagliptine hadden genomen.

De patiënten die met sitagliptine waren behandeld hadden een gemiddelde gewichtstoename van 0,8 kg, terwijl de patiënten met glimepiride een gemiddelde gewichtstoename van 1,2 kg toonden. Dit is een significant verschil tussen de groepen van -2,0 kg (p0,001) (95% CI, -2,3, -1,6).

Belangrijke informatie over sitagliptine:
Voor patiënten met type 2 diabetes mellitus wordt sitagliptine geïndiceerd ter verbetering van de glykemische resultaten als monotherapie voor patiënten als dieet en lichaamsbeweging alleen niet voldoende zijn en aan wie metformine niet kan worden voorgeschreven vanwege contra-indicatie of intolerantie; of als dubbele orale behandeling in combinatie met metformine als dieet en lichaamsbeweging plus metformine alleen niet voldoende zijn om de juiste glykemische resultaten te bereiken; gecombineerd met een sulfonyroleum als dieet en lichaamsbeweging plus een maximaal getolereerde dosis van een sulfonyroleum alleen niet voldoende zijn om de juiste glykemische resultaten te bereiken en metformine niet geschikt is vanwege contra-indicatie of intolerantie; gecombineerd met een PPARγ -agonist (bijv. een thiazolidinedione) als een PPARγ -agonist kan worden voorgeschreven en als dieet en lichaamsbeweging plus de PPARγ -agonist alleen niet voldoende zijn om de juiste glykemische resultaten te bereiken; als driedubbele orale behandeling in combinatie met een sulfonyroleum en metformine als dieet en lichaamsbeweging plus de dubbele behandeling met deze agenten niet de juiste glykemische resultaten bereiken. En in combinatie met een PPARγ -agonist en metformine als een PPARγ -agonist kan worden voorgeschreven en als dieet en lichaamsbeweging plus de dubbele orale behandeling met deze agenten niet voldoende zijn om de juiste glykemische resultaten te bereiken. Ook wordt dit geneesmiddel toegediend op indicatie van een toegevoegde insuline (met of zonder metformine) als dieet en lichaamsbeweging plus een stabiele dosis insuline niet voldoende zijn om de juiste glykemische resultaten te leveren

Sitagliptine mag niet worden voorgeschreven bij patiënten die overgevoelig zijn voor een bestanddeel van dit medicijn. Ook mag het niet gebruikt worden bij patiënten met type 1-diabetes of voor de behandeling van diabetische acidoketose. De toevoeging van sitagliptine aan een sulfonylureum of insuline veroorzaakte een verhoogde incidentie van hypoglykemie in vergelijking met een placebo. Om dit risico te verminderen kan verlaging van de dosis sulfonylureum of insuline in overweging worden genomen. Daar de ervaring hiermee beperkt is, mogen patiënten met matige of ernstige nierproblemen niet met sitagliptine worden behandeld. Ook wordt dit geneesmiddel niet aanbevolen bij patiënten jonger dan 18 jaar, daar niet over voldoende gegevens beschikt wordt met betrekking tot veiligheid en doeltreffendheid. Sitagliptine mag niet worden gebruikt tijdens de zwangerschap of borstvoeding.

Geselecteerde veiligheidsinformatie over sitagliptine:
Ernstige reacties van overgevoeligheid werden er post marketing gerapporteerd bij patiënten die met sitagliptine behandeld werden, waaronder anafylaxie, angioedema, en exfoliatieve huidcondities, zoals het syndroom van Stevens-Johnson. Deze verschijnselen vertoonden zich binnen de eerste 3 maanden na het begin van de behandeling met sitagliptine, en bij sommige patiënten gebeurde dit al na de eerste dosis. Als er een reactie van overgevoeligheid voor dit product verondersteld wordt, moet de inname hiervan gestopt worden en naar andere mogelijke oorzaken hiervoor gezocht worden, en een alternatieve diabetesbehandeling worden ingesteld.

In klinische studies waren de meest gerapporteerde bijwerkingen van dit geneesmiddel als monotherapie en in combinatie met andere agenten bij een te grote hoeveelheid placebo (>0,2 % en verschil > 1 patiënt) de volgende: verminderde bloedglucose, hoofdpijn, slaperigheid, diarree, droge mond, misselijkheid, winderigheid, constipatie, pijn in de bovenbuik, braken, hypoglykemie, influenza, opzwelling van voeten, enkels en benen en duizeligheid. Bijwerkingen (ongeacht de causale verwantheid met het medicijn) bij meer dan ten minste 5% van de patiënten en vaker bij patiënten die met sitagliptine werden behandeld, waren de volgende: ontstekingen van de bovenste luchtwegen en rinofaryngitis. Extra nevenwerkingen die vaker voorkwamen met sitagliptine dan in de controlegroep (die niet het niveau van 5% bereikten maar in meer dan >0,5% van de gevallen voorkwamen) waren osteoartritis en pijn in de ledematen.
[Persbericht MSD]