Mensen met een depressie en een chronische lichamelijke aandoening die behandeld werden volgens het ‘collaborative care’ model, blijken minder ernstige psychische klachten te hebben. Dat blijkt uit de eerste resultaten van onderzoek in het kader van het Depressie Initiatief.
In de ziekenhuissetting werd ‘collaborative care’ door een psychiatrisch verpleegkundige uitgevoerd. Inmiddels zijn de gegevens over de start van het onderzoek en 3 maanden daarna geanalyseerd. Hieruit blijkt dat de collaborative care behandeling zorgt voor een flinke daling in de ernst van de psychische klachten. Wanneer gekeken wordt naar de hoeveelheid en ernst van de lichamelijke klachten die iemand kan ervaren, blijkt dat mensen die weinig last hebben van de lichamelijke klachten het best reageren op de behandeling.
Deze mensen ervaren een sterkere daling in klachten dan de mensen met zware lichamelijke klachten. Daarnaast treedt er vaker respons op, dat wil zeggen een daling van psychische klachten van 50% of meer.
In het kader van het Depressie Initiatief zijn vanaf 2006 diverse deelprojecten opgestart om de behandeling van depressie te verbeteren en de Multidisciplinaire Richtlijn depressie te implementeren. Drie van de tien deelprojecten die gericht waren op onderzoek naar de effectiviteit van ‘collaborative care’ lopen nu ten einde. De collaborative care behandeling bestond onder andere uit het behandelen van de depressie met Problem Solving Treatment en het actief monitoren van de voortgang van de patiënt.
De projecten werden uitgevoerd in de huisartsenpraktijk, de bedrijfsgeneeskundige setting en het algemeen ziekenhuis. De uitkomsten van de ziekenhuis setting worden 26 maart gepresenteerd op de Nationale Diabetesdag. De resultaten van de andere projecten volgen komende maanden.
[Trimbos-instituut]
Zie ook:
