Nieuwe analyse: Januvia verlaagt de bloedsuikerspiegel

januviaNieuwe analyse van gepoolede klinische gegevens toont aan dat ‘Januvia®’ (sitagliptine) van MSD een significante verlaging van de bloedsuikerspiegel teweegbracht over twee jaar

Uit een post-hoc-analyse, gepresenteerd op de 45e jaarvergadering van de European Association for the Study of Diabetes (EASD), van gegevens gepooled uit onderzoeken met een duur van 104 weken is gebleken dat ‘Januvia®’ (sitagliptine), als het op zichzelf of in combinatie met metformine wordt ingenomen, een significante verlaging van de bloedsuikerspiegel teweegbracht over twee jaar.

“Uit deze analyse blijkt dat sitagliptine bij patiënten met diabetes type 2 die de follow-up van twee jaar volbrachten de HbA1c-spiegel aanzienlijk verlaagde,” aldus John Amatruda, M.D., Senior Vice President en Franchise Head, Diabetes and Obesity, Merck Research Laboratories (MRL), Merck & Co., Inc. “Gegevens die de werkzaamheid en het veiligheidsprofiel van sitagliptine aantonen vormen een belangrijke overweging voor artsen die patiënten behandelen met een chronische aandoening zoals diabetes.”

Sitagliptine een sterk selectieve, eenmaal per dag in te nemen DPP-4-remmer die een natuurlijk lichaamssysteem, het incretinesysteem geheten, stimuleert om de bloedsuikerspiegel te regelen door de niveaus van actieve GLP-1- en GIP-hormonen te verhogen; het remt DPP-4 gedurende 24 uur. De combinatie van sitagliptine en metformine in vaste doses hebben effect op alle drie de centrale problemen van diabetes: insulinetekort uit bètacellen van de pancreas, insulineresistentie en overproductie van glucose door de lever. De combinatie met vaste doses is in sommige landen van de EU niet verkrijgbaar, waaronder het VK. Sitagliptine is het eerste goedgekeurde geneesmiddel in de DPP-4-remmerklasse van orale behandelingen. Het is goedgekeurd in meer dan 80 landen en er zijn inmiddels wereldwijd meer dan 15 miljoen recepten voor uitgeschreven.

Werkzaamheid met sitagliptine over twee jaar
In een post-hoc gepoolede analyse van gegevens uit twee klinische onderzoeken ter evaluatie van sitagliptine als monotherapie werd HbA1c* uitgezet tegen het tijdsverloop voor 147 patiënten met een uitgangswaarde voor HbA1c van 7,5 tot 10,0 procent die ten tijde van opname in het onderzoek geen diabetesgeneesmiddelen gebruikten. De gemiddelde HbA1c bij de patiënten (n=32) die een sitagliptinemonotherapie van twee jaar voltooiden liep van een uitgangswaarde van 8,3 terug naar 6,9 procent – binnen het nagestreefde richtlijnbereik.

Voor de onderzoeken waren criteria vastgesteld om te bepalen wanneer patiënten aanvullende behandeling voor hyperglykemie moesten ondergaan of bij het onderzoek moest worden gestaakt, en die criteria, gebaseerd op metingen van nuchter plasmaglucose (fasting plasma glucose; FPG) dan wel HbA1c, werden met verloop van tijd strikter. Gegevens verkregen nadat patiënten aanvullende geneesmiddelen waren gaan innemen, werden niet opgenomen in de analyse.

In totaal gold voor 67 van de 147 patiënten (46 procent) in de monotherapiegroep dat ze noodmedicatie voor hyperglykemie ontvingen of dat de behandeling moest worden gestaakt vanwege de steeds striktere glykemiecriteria en/of dat ze over de twee jaar van het onderzoek niet voldeden aan de verwachting van de onderzoeker op het gebied van glykemische verbetering.

In dezelfde post-hoc gepoolede analyse van gegevens uit twee klinische onderzoeken ter evaluatie van de toevoeging van sitagliptine aan een metforminebehandeling werd HbA1c uitgezet tegen tijdsverloop bij 852 patiënten met een HbA1c-uitgangswaarde van 7,0 tot 10,0 procent die ten tijde van de screeningafspraak alleen metformine innamen (>/=1500 mg/dag). De gemiddelde HbA1c liep van een uitgangswaarde van 7,7 procent terug naar 6,9 procent bij patiënten (n=347) die twee jaar behandelingen voltooiden met sitagliptine als aanvullende therapie.

Van degenen die reeds metformine gebruikten, gold voor 283 van de 852 patiënten (33 procent) die sitagliptine toevoegden aan hun metforminebehandeling dat ze noodmedicatie kregen voor hyperglykemie of dat de behandeling werd gestaakt vanwege gebrekkige werkzaamheid (d.w.z. patiënten die niet voldeden aan de steeds striktere, in het protocol gespecificeerde glykemiecriteria en/of niet voldeden aan de verwachtingen van de onderzoeker van glykemische verbetering) over de twee jaar.

Andere sitagliptinegegevens gepresenteerd op EASD
Op de vergadering dit jaar worden gegevens gepresenteerd over de veiligheid en werkzaamheid van sitagliptine in combinatie met andere diabetesbehandelingen. Middels een onderzoek (presentatie 747) wordt het effect van eerstelijnstherapie met sitagliptine en pioglitazone op de bloedsuikerregeling geëvalueerd. Voor eerstelijnstherapie met een combinatie van pioglitazone en sitagliptine bestaat momenteel in Europa geen vergunning.

In een ander onderzoek (presentatie 751) wordt het effect geëvalueerd van eerstelijnstherapie met een combinatie van sitagliptine en metformine op de bloedsuikerregeling bij patiënten met diabetes type 2, vergeleken met alleen metformine. Voor eerstelijnstherapie met het combinatiegeneesmiddel met vaste doses bestaat momenteel in Europa geen vergunning.

Over sitagliptine
Sitagliptine heeft op dit moment de grootste reikwijdte voor indicatie in de DPP4-klasse van medicijnen voor type 2 diabetes. Als dieet en lichaamsbeweging alleen niet voldoende zijn om de geschikte glykemische resultaten te bereiken en metformine (als eerstelijnstherapie) niet kan worden voorgeschreven vanwege contra-indicatie of intolerantie, wordt sitagliptine geïndiceerd ter verbetering van de glykemische resultaten, hetzij als monotherapie of in combinatie met metformine en een sulfonylureum, gecombineerd met een PPARy -agonist, oftewel gecombineerd met een PPARy -agonist en metformine. De aanbevolen dosis van sitagliptine is 100mg eenmaal daags, wel of niet tijdens de maaltijden, voor alle goedgekeurde indicaties.

Sitagliptine mag niet worden voorgeschreven bij patiënten die overgevoelig zijn voor een bestanddeel van dit medicijn. Ook mag het niet gebruikt worden bij patiënten met type 1-diabetes of voor de behandeling van diabetische acidoketose. Patiënten met matige of ernstige nierproblemen mogen niet met sitagliptine worden behandeld, en ook wordt het niet aanbevolen bij patiënten jonger dan 18 jaar of zwangere vrouwen. De toevoeging van sitagliptine aan een sulfonylureum veroorzaakte een verhoogde incidentie van hypoglykemie in vergelijking met een placebo; om dit risico te verminderen kan verlaging van de dosis sulfonylureum bijgevolg in overweging worden genomen.

Aan het geneesmiddel gerelateerde ongunstige gebeurtenissen groter dan placebo (>0,2 procent en verschil > 1 patiënt) die zich hebben voorgedaan zijn misselijkheid, hypoglykemie, constipatie, flatulentie, perifeer oedeem, hoofdpijn, diarree, braken en duizeligheid. Ongunstige gebeurtenissen (ongeacht het oorzakelijk verband met geneesmiddelproduct) die zich voordeden bij minimaal 5 procent, en vaker bij patiënten behandeld met sitagliptine waren infectie van de bovenste luchtwegen en nasofaryngitis.

Over de combinatie met vaste doses van sitagliptine en metformine (‘Janumet®’)
‘Janumet’ wordt geïndiceerd als aanvulling op dieet en lichaamsbeweging ter verbetering van de glykemische regeling bij patiënten waarbij de regeling onvoldoende is terwijl de maximaal getolereerde dosis van alleen metformine wordt gebruikt of reeds wordt behandeld met de combinatie van sitagliptine en metformine. Het wordt tevens geïndiceerd in combinatie met een sulphonylurea of een PPARy-agonist als aanvulling op dieet en lichaamsbeweging bij patiënten waarbij de regeling onvoldoende is terwijl de maximaal getolereerde dosis van metformine en respectievelijk een sulfonylurea of een PPARy-agonist wordt gebruikt. De combinatie met vaste doses is in sommige landen van de EU niet verkrijgbaar.

Er bestaat een contra-indicatie voor ‘Janumet’ bij patiënten met overgevoeligheid voor een van de bestanddelen van dit product; diabetische ketoacidose, diabetisch precoma; matige en ernstige nierinsufficiëntie; acute aandoeningen met potentiële verandering van de nierfunctie; acute of chronische aandoeningen die weefselhypoxie kunnen veroorzaken; acute alcoholintoxicatie, alcoholisme; zwangerschap en lactatie.‘Janumet’ mag niet worden gebruikt bij patiënten met diabeters type 1 en mag niet worden gebruikt voor de behandeling van diabetische ketoacidose. Het mag niet worden gebruikt bij patiënten met matige tot ernstige nierinsufficiëntie en bij patiënten met leverinsufficiëntie.

Aan het geneesmiddel gerelateerde ongunstige gebeurtenissen groter dan placebo (>0,2 procent en verschil > 1 patiënt) die zijn gemeld zijn misselijkheid, hypoglykemie, constipatie, perifeer oedeem, hoofdpijn, diarree en braken. Ongunstige gebeurtenissen (ongeacht het oorzakelijk verband met geneesmiddelproduct) die zich voordeden bij minimaal 5 procent waren infectie van de bovenste luchtwegen en nasofaryngitis. Bijwerkingen van metformine waren metaalsmaak in de mond, misselijkheid, braken, diarree, buikpijn en verlies van eetlust. De volledige productcirculaire vindt u op http://www.emea.europa.eu.

Over Merck, Sharp & Dohme
Merck & Co., Inc. (Whitehouse Station, N.J., U.S.A.), in een groot aantal landen actief als Merck Sharp & Dohme of MSD, is een mondiale, research-driven farmaceutische onderneming voor wie patiënten de eerste prioriteit hebben. Het in 1891 opgerichte bedrijf werkt momenteel aan het ontdekken, ontwikkelen, produceren en verkopen van vaccins en geneesmiddelen die beantwoorden aan onvervulde medische behoeften. Het bedrijf verricht aanzienlijke inspanningen om de toegankelijkheid van geneesmiddelen te vergroten door middel van verreikende programma’s waarbij niet alleen geneesmiddelen worden gedoneerd, maar ook wordt geholpen om ze terecht te doen komen bij de mensen die ze nodig hebben. Merck publiceert tevens onbevooroordeelde gezondheidsinformatie, een zonder winstoogmerk verleende service. Nadere inlichtingen vindt u op www.merck.com.

Uitspraken over de toekomst
Dit persbericht bevat “uitspraken over de toekomst”, zoals gedefinieerd in de Private Securities Litigation Reform Act van 1995. Deze verklaringen zijn gebaseerd op de huidige verwachtingen van het management en bevatten risico´s en onzekerheden die ervoor kunnen zorgen dat de resultaten wezenlijk verschillen van de resultaten vermeld in deze uitspraken. De uitspraken over de toekomst kunnen uitspraken omvatten betreffende productontwikkeling, productpotentieel of financiële prestaties. Er kan geen enkele uitspraak over de toekomst worden gegarandeerd en de werkelijke resultaten kunnen wezenlijk verschillen van de vooropgestelde resultaten. Merck gaat geen verplichting aan om enige uitspraken over de toekomst publiek te herzien, ongeacht of die het gevolg zijn van nieuwe informatie, toekomstige gebeurtenissen of van iets anders. Uitspraken over de toekomst in dit persbericht moeten worden geëvalueerd samen met de vele onzekerheden waarmee Merck te maken heeft, in het bijzonder die welke vermeld staan in de risicofactoren en waarschuwende uitspraken in Punt 1 van Formulier 10-K van Merck voor het jaar eindigend per 31 dec. 2008, en in de risicofactoren of waarschuwende uitspraken in de periodieke verslagen van Merck op Formulier 10-Q of de huidige verslagen op Formulier 8-K die het bedrijf ter verwijzing opneemt.

*HbA1c is een maateenheid voor de gemiddelde bloedsuikerspiegel van een subject over een periode van twee tot drie maanden
‘Januvia®’ is een gedeponeerd handelsmerk van Merck & Co., Inc., Whitehouse Station, New Jersey, VS
‘Janumet®’ is een gedeponeerd handelsmerk van Merck & Co., Inc., Whitehouse Station, New Jersey, VS
[Persbericht Merck & Co]

Sitagliptine en acute pancreatitis

De FDA maakte op 25 september 2009 melding van het risico op acute pancreatitis (onsteking van de alvleesklier) bij gebruik van sitagliptine.

De FDA komt tot deze conclusie op basis van een analyse van 88 meldingen van deze vermoede bijwerking in de VS. Sitagliptine is sinds 2007 in Nederland geregistreerd als combinatietherapie bij diabetes mellitus type 2. In Nederland is geen melding gedaan van deze bijwerking.

De volledige tekst van de FDA kunt u hier nalezen.
[Apothekersnieuws.nl]

iPhone App en ringtone helpen diabetes type 2 te voorkomen

diabetes type 2 iphone app ringtoneEerder deze week is er een nieuwe campagne van het Diabetes Fonds van start gegaan met de boodschap dat voldoende beweging diabetes type 2 helpt voorkomen.

Ter ondersteuning van de campagne is er een iPhone-applicatie [iTunes] gemaakt. Daarin moedigt Daryl, jouw persoonlijke fitnessinstructeur, je aan tot meer bewegen. Daryl zal tijdens de spits ook op de radio te horen zijn door je aan te moedigen tot ‘filefitness’.

Het doel van de campagne voor het Diabetes Fonds is de doelgroep te wijzen op het feit dat bewegen goed is voor het voorkomen van diabetes type 2. Bewegen hoeft niet perse in de sportschool. Dit kun je gemakkelijk in het dagelijks leven integreren door bijvoorbeeld de trap te nemen in plaats van de lift, of te gaan fietsen in plaats van in de auto te stappen.

In de applicatie laat Daryl je als een personal coach bewegingen doen met je armen. Het idee is dat mensen in gaan zien dat ze overal aan beweging kunnen doen, en dat ze zich bewust worden van het feit dat regelmatig bewegen ze beschermd tegen diabetes type 2.

Onderzoek onder mensen met verstandelijke beperking en diabetes

Onder de titel Nooit meer chocola? begint het NIVEL een onderzoek onder mensen met een verstandelijke beperking en diabetes. Hoe loopt de zorg voor diabetes bij hen en wat is er nodig?

In Nederland bestaat de diabeteszorg voor het grootste deel uit zelfmanagement. Patiënten meten thuis hun bloedsuiker, houden zelf hun voedingspatroon in de gaten, spuiten zelf insuline, enzovoort. Hoe doen mensen met een verstandelijke beperking dit? Diabetes type 1 en type 2 komt regelmatig voor bij mensen met een verstandelijke beperking. Hoe leren zij hiermee omgaan? Hoe ervaren zij het leven met diabetes? Er zijn nog nauwelijks antwoorden op deze vragen.

Met subsidie van het Diabetesfonds gaat het NIVEL de komende anderhalf jaar de stand van zaken van de diabeteszorg onderzoeken bij mensen met een verstandelijke beperking. Bijzonder aan dit onderzoek is dat de ervaringen van mensen zelf centraal staan. Verder worden ook hun naasten en hun eventuele diabeteszorgverleners bevraagd.

Het NIVEL heeft in 2005 het Panel Samen Leven opgezet. Dit bestaat uit ongeveer 700 mensen met een lichte of matige verstandelijke beperking van 15 jaar en ouder. Voor Nooit meer chocola? benadert het NIVEL de panelleden met diabetes. Het onderzoek sluit zowel aan bij de onderzoeken van het NIVEL naar diabetes als bij die naar mensen met een verstandelijke beperking. Met de opgedane inzichten kan meer gericht worden gewerkt aan voorlichting en ondersteuning over het leven met diabetes.

Meer controle door diabetesrevalidatie

Mensen met diabetes die er niet in slagen ondanks begeleiding goed met hun aandoening om te gaan, kunnen een dagbehandelprogramma volgen bij de Diabetesrevalidatie van het Universitair Medisch Centrum Groningen, Centrum voor Revalidatie. Het programma dat zij volgen duurt twee keer zes weken. In die periodes komen de deelnemers één dag per week naar Beatrixoord in Haren. Zij volgen het programma in groepen van ongeveer acht personen. Het blijkt dat de mensen veel van elkaar leren en elkaar stimuleren en motiveren.

Dit is het enige diabetesrevalidatieprogramma in Nederland. Het programma is erop gericht dat de deelnemers zich bewust worden van hun leven met diabetes. Verder krijgen zij een activiteitenprogramma waarmee ze thuis aan de slag kunnen met hun aandoening. Het blijkt dat de mensen door dit programma weer de baas worden over hun diabetes. Dit heeft ook een positief effect op de bloedglucose. Diabetesrevalidatie blijkt een nuttige aanvulling te zijn op de gebruikelijke diabeteszorg. Dit revalidatieprogramma wordt erkend door het College van zorgverzekeraars.
[bloedsuiker.nl]

Nieuwe mogelijkheden in strijd tegen overgewicht en diabetes

overgewichtOvergewicht en diabetes kunnen wellicht behandeld worden met medicijnen die ingrijpen op het proces van vetzuuroxidatie in de lever, concludeert promovenda Marijke Schreurs.

Bij obesitas en insuline-resistentie (diabetes) levert de overmatige vorming van ketonlichamen in de lever een groot gevaar op: patiënten kunnen erdoor in een coma raken. Ketonlichamen zijn afvalstoffen die ontstaan wanneer glucose in het bloed niet wordt verbrand en er wordt overgeschakeld op de verbranding van vetten om het lichaam van energie te kunnen voorzien. Het is al lange tijd bekend dat onder andere carnitine palmitoyl transferase 1 en 2 (CPT1 en CPT2) in belangrijke mate bepalen hoeveel vet wordt verbrand en hoeveel ketonlichamen door de lever worden gevormd. Echter, de medicijnen die het proces tegengaan hebben nog te veel bijwerkingen.

Marijke Schreurs onderzocht twee eiwitten die de vorming van vetten en de remming van CPT1 (en daarmee de verbranding van vetten) beïnvloeden: acetyl-CoA carboxylase 1 en 2 (ACC1 en 2). Remming van beide eiwitten met een farmacologische compound bleek insuline-resistentie te verminderen. Wel ontstond er nog een vervetting van de lever. Ook toont Schreurs aan dat remming van CPT2 de productie van ketonlichamen vermindert. Ook hierbij blijven echter ernstige bijwerkingen optreden. Er is dus nog meer onderzoek naar de mechanismen nodig voordat deze remmers (zowel ACC als CPT) in de kliniek kunnen worden toegepast.

Marijke Schreurs (Rotterdam, 1981) studeerde farmacie te Groningen. Ze verrichtte haar onderzoek aan het Centrum voor Lever-, Darm- en Stofwisselingsziekten, de afdeling Kindergeneeskunde van het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG) en binnen onderzoeksschool GUIDE. Ze blijft werkzaam als onderzoeker in het UMCG.

Rijksuniversiteit Groningen
Regulatory enzymes of mitochondrial ß-oxidation as targets for treatment of the metabolic syndrome
Datum: 30 september 2009
Promotie: mw. M. Schreurs, 16.15 uur, Academiegebouw, Broerstraat 5, Groningen
Proefschrift: Regulatory enzymes of mitochondrial ß-oxidation as targets for treatment of the metabolic syndrome
Promotor(s): prof.dr. F. Kuipers
Faculteit: Medische Wetenschappen

Kokosolie beschermt tegen diabetes

kokosnootKokosolie beschermt tegen diabetes omdat het insulineresistentie voorkomt. Insulineresistentie ontstaat wanneer spieren en vetcellen niet meer reageren op insuline, het hormoon dat het suikerniveau in het bloed onder controle houdt, aldus HLN.be.

Dat bleek uit Australisch onderzoek bij muizen. Het bleek dat muizen die kokosnoten te eten kregen minder vaak resistentie tegen insuline kweekten dan muizen die veel spek te eten kregen.

Kokosnoot bevat echter ook veel verzadigde vetten, wat gelinkt is aan een hoge cholesterol. Nu weten we echter dat het kokosvet gemaakt is uit vetzuren van een gematigde ketting, wat gezonder is dan lange kettingen, zoals gevonden in dierlijke vetten als boter of spek.

Minder kans op diabetes door drie kopjes thee per dag

theeDrie kopjes thee per dag verlaagt het risico op diabetes met bijna de helft. Dit blijkt uit een grootscheeps onderzoek onder 40.000 mensen, die 10 jaar werden gevolgd. Wetenschappers ontdekten dat chemische stoffen, gevonden in alle soorten thee, hiervoor verantwoordelijk zijn.

Meer dan drie kopjes thee per dag zorgt niet voor verdere verlaging van het risico, zeggen de onderzoekers. Het was al bekend dat het drinken van koffie het risico vermindert, maar soortgelijke effecten door het regelmatig drinken van thee waren voorheen onbekend.